Wanneer strooien onze diensten?

Wat?

Van zodra het begint te vriezen en de wegen er glad bij liggen, krijgen gemeentediensten heel wat meldingen van ontevreden inwoners over het niet of laattijdig strooien in hun straat. Nochtans is er een heel duidelijke procedure die strikt wordt gevolgd. Maar we zijn wel eerlijk: neen, wij strooien niet elke straat!

Procedure

Van zodra de politie gladheidgevaar vaststelt, belt ze onmiddellijk de dienst openbare werken op. Ook ’s nachts. Binnen het halfuur zijn onze mensen de baan op. Bij zeer ernstige verkeershinder rukt zelfs een tweede team uit.

De diensten rijden eerst naar de brandweer, zodat de wagens kunnen uitrukken in noodgevallen. Ook de omgeving van de rusthuizen en scholen worden snel gestrooid. Vervolgens krijgen de grote gemeentewegen zoals Veerstraat, Molenstraat en Gaver tot en met Kamershoek een zoutlading. Onze diensten rijden niet op de gewestwegen (Kerkstraat, de baan van Schoonaarde tot de Klappel en die tussen Zele en Gent). Die wegen zitten in het strooischema van de Administratie Wegen en Verkeer van de Vlaamse overheid.

Zijstraten en verkavelingen komen het laatst aan de beurt. En alleen als het noodzakelijk is en het de voorraad niet in gevaar brengt.

Waarom zelden zijstraten en verkavelingen?

Niet alle inwoners uit zijstraten en verkavelingen zijn hierover opgetogen. Toch zijn er drie goede redenen om zuinig te zijn met strooien:

  • We focussen op de verbindingswegen die dagelijks heel wat verkeer te slikken krijgen. Als deze glad liggen, is dat immers zeer gevaarlijk voor honderden weggebruikers die bovendien binnen de kortste keren in een lange file terechtkomen. Daarom houden we zeker voldoende zout op voorraad voor de hoofdwegen;
  • Zout is schadelijk voor het wegdek. We proberen onze asfaltlagen zo lang mogelijk goed te houden. Want wegenwerken zijn duur en de buurtbewoners hebben er veel langer hinder van dan van die paar ijsdagen op een jaar;
  • Tot slot wegen we bij sneeuwval het zicht en de pret af tegen de verkeersveiligheid. In de mate van het mogelijke kiezen we voor het witte landschap.